2015-08-20T12:58:52
Om Eerbeek, het dorp dat bekend staat om zijn papierindustrie waar ik opgroeide, stond lang geleden een hek. Dit is te zien op de kaart van cartograaf Van Geelkercken uit 1662 die helemaal onder is opgenomen (klik op de kaart). Centraal staat het Huis Te Eerbeek, een jachtslot waar de Van Bronckhorsten zetelden. Bij de dorpsgrens is op iedere weg een hek afgebeeld. De totale oppervlakte bedraagt volgens de landmeter 400 morgen. Een morgen is één hectare groot en kon in een goede ochtend worden geploegd. Het dorp was in zijn geheel eigendom van één familie, de Van Bronckhorsten, uit de plaats Bronkhorst bij Brummen. Op de kaart ziet men ook 'onze' boerderij die toen nog gepacht werd bij de Van Bronckhorsten. Bij de beek ziet men drie watermolens: Boshoffsmeul, Seemsmeul en Saetmeul. Het zijn al papiermolens, maar niemand die het kan zien. Eerstvolgende plaats is Loenen, waar men dan kasteel Ter Horst ontwaart, met een papiermolen.


Huis Te Eerbeek in 1662

Het hek op de dorpsgrens; rechts onze boerderij

Locatie nu Horsterdijk-spoorlijn-Lombokweg; boven ons huis

Ons 'huis' te Eerbeek in 1979 "De Heugte" Lombokweg 17

De auteur bij het Hoge Huys in Bronkhorst in 1995

Artist impression van de voorwei zonder hek in 1993

De Heugte met het hek op een aquarel van de auteur

Het uitzicht op rotonde met zonnewijzer, vijver en moestuin

Graan oogsten met een combine in de zomer van 1971

De boerderij in de 17e eeuw

In de sneeuw tussen de akker en voorwei in 1973

De koe in de voorwei in de nazomer van 1972

Een inspectievlucht van de Heugte in 1986

Het land naast de spoorlijn in de jaren 1970

Loonbedrijf Jurrius uit Loenen egt de akker in 1973

Naastligger Gradus uit Eerbeek doet de koeien

Mijn helikoptervlucht over het Huis te Eerbeek in 1982

Huis te Eerbeek in 1917 geschilderd door Jan Mankes

Huis Te Eerbeek rond 1900 in de tijd van prof. Weber en Jan Mankes

Huis Te Eerbeek in 1719 bewoond door de heer van Lamsweerde. Het jachtslot oogt kleiner vanwege de verwoesting in de periode van twisten tussen de Van Heeckerens en Van Bronckhorsten

Winter in Eerbeek in 1917 geschilderd door Jan Mankes

De woning van Willems is gebaseerd op de tekeningen van de Heugte

De Heugte is nu een moderne parkvilla in de 21e eeuw

Legenda: Cort extract uijt een grooter Caerte so A° 1642/ door mij onderst. gemaeckt waer in preterpropter, wort aengewesen de situatie van Eertbeeck, sijnde/ van A. tot B. breet 1200 pas ofte ongeveer 600./ roeden, en van C. tot D. 1100. pas ofte bijna/ 550 roeden, de rest is na den oogenschijn ende/ sonder mate gedaen, doch alles onvervanglijck/ sijnde ongeveer, wat binnen de graven/ begrepen is 400 morgen, gedaen & 1 marti A° 1662/ Get. I:vanGeelkercken. ’t Arnhemse gat/ ’t Huijs te Eertbeeck/ Arnhemse wech/ Boshoffsmeul/ Colden Hove/ Den Eertbeecker Enck (over de Beeck)/ Den Hongercamp/ Den Hoogen Wech van Arnhem na Zutphen/ Den nieuwen kerckwech/ Den ouden kerckwech/ Dirck Otten/ Doesborch/ Gr. van Stirum/ Harderwijck/ Het Eertbeeckse Broeck/ Int Spijck/ Mistwech/ Na Halle/ Na Zutphen/ Ratingensgalt/ Roskam/ Saetmeul/ Seemsmeul/ Silven onder Loonen/ Stuvenborch.

Eerbeek is a settlement in the municipality of Brummen in the province of Gelderland in the Netherlands. First mentioned in 1046 as Erbeke and since the 17th century known for its (paper)mills, this 1662 map states the whole town is owned in one family.

Copie


Bijlagen:
Kaartje met de situatie van de Heugte op nr. 26 in 1811


De grond-eigenaren in Eerbeek met het pachtregister in 1811
Aleida Richarda van Lamsweerde e.a. is de eigenaresse van Hall, Eerbeek, etc.
Goze Verbeek woont in herberg de Zelneefse Hut en is 'slechts' eigenaar van dit huis op nr. 23, al het land is eigendom van Aleide van Lamsweerde met haar hele familie

De kinderen van Jan Jurrius en Derk Janze van Hoorn zijn samen de eigenaren van alleen het huis op nr. 26, het land is weer eigendom van de familie Van Lamsweerde


Het kanaal ligt door de pachtgrond heen

De historie
Korte kenschets Huis te Eerbeek. Landgoed met hoog loofhout, houtwallen, graslanden, beek, vijvers en een in de 19de eeuw verbouwd huis van middeleeuwse oorsprong. Het beeksysteem van de Eerbeekse Beek is een van de grootste en indrukwekkendste droogdalen op de Veluwe. Droogdalen ontstonden in de laatste ijstijd in de stuwwallen. Doordat de ondergrond permanent bevroren was kon smeltwater niet de bodem indringen en moest oppervlakkig afstromen. Daarbij nam het materiaal mee naar beneden. Aan de voet van het droogdalsysteem werd dit in een grote waaier afgezet. Hierop ligt nu het dorp Eerbeek. Dat hier een waaier van materiaal ligt die hoger ligt dan de omgeving is goed te zien aan het Apeldoorns Kanaal. Dit loopt grotendeels onderlangs de Oost-Veluwse stuwwal, maar bij Eerbeek maakt hij een brede bocht om de puinwaaier. In dit droogdalsysteem ontspringt de Eerbeekse Beek. Doordat het afwateringsgebied zo groot is (35 vierkante km) voert de beek veel water. In vroeger tijden kon dit zuivere water goed gebruikt worden. Er hebben langs de beek een groot aantal watermolens gestaan. Bij Huis te Eerbeek is dit water waarschijnlijk voor bevloeiing gebruikt, als bemesting en tegen ongedierte in de bodem. De naam Eerbeek duikt in de 11e eeuw voor het eerst in geschriften op. Door doorlatendheid van de puinwaaier is het hier iets droger dan de nattere omgeving. Daarom vestigde men zich hier. Het landgoed Eerbeek was gesitueerd op de grens van de Eerbeekse Enk, een hoger gelegen bouwlandcomplex, en het Eerbeekse broek, een vochtig gebied met hooilanden en heiden. Bij het landgoed hoorden oorspronkelijk ook een korenmolen en een oliemolen, die aangedreven werden door sprengenbeken. De oliemolen, even buiten het terrein, is gerestaureerd, de korenmolen bestaat niet meer. Op het landgoed zijn nog diverse verdeelwerken aanwezig die het water naar de molens, gracht, vijvers of mogelijke vloeiweides moesten leiden. In 1895 kocht Prof. Max Weber het landgoed. Diens weduwe, mevrouw Dr. A.A. Weber - van Bosse, legateerde het huis en het bijbehorende landgoed in 1942. Eerbeek, vroeger ook Eerdbeek of Erdbeek genoemd, was in de 14de eeuw in het bezit van de heren van Bronkhorst. Waarschijnlijk zijn zij de stichters van het huis. Na 1579 vererfde Eerbeek aan de graven van Limburg en Bronkhorst, later Van Limburg Stirum, die het in 1658 verkochten. Onder de families De Buninck, Van Lamsweerde en Van Wijnbergen die hierna kwamen werden op het huis rooms-katholieke kerkdiensten gehouden. In 1794 volgde de familie Berns. Van de 14de-eeuwse havezate was aan het begin van de 19de eeuw niet meer over dan de noordelijke, onderkelderde vleugel. Deze liet J.H. Berns verbouwen tot het huidige, gepleisterde huis in neo-classicistische trant. In het derde kwart van de 19de eeuw vonden nog enige wijzigingen aan het huis plaats.